Puur, Natuurlijk en Eerlijk

Vachtvezels

Vachtvezels


Veel vachten bestaan uit zowel haar- als wolvezels.

De dunne, soms kroezige wolvezels groeien direct tegen de huid. Haarvezels groeien daar tussen en zijn vaak langer. De wolvezels zorgen voor isolatie, de haren voor bescherming tegen wind en regen. De verhouding wol- en haarvezels verschilt per diersoort, per ras en ook nog eens per individueel dier. Ook bij mensen zie je immers veel verschil in dikte, hoeveelheid en kleur in de haren.

De wolvezels hebben schubben. Tijdens het spinnen worden de vezels om elkaar heen gedraaid om een draad te vormen. Bij het vilten van wol grijpen de vezels met schubben door gebruik van water, beweging en zeep, definitief in elkaar. Haarvezels zijn glad en meestal stugger. Hierdoor zijn ze niet geschikt om te spinnen of te vilten.

Natuurlijk kunnen we bij het spinnen de haren 'meenemen'. Het effect is een stoere, authentieke draad. Voor wie daarvan houdt is het mooi om te zien, maar ook om te verwerken. Ook het dragen van kleding gemaakt met dit garen is hierdoor minder prettig. Mensen met wolallergie of een gevoelige huid krijgen last van jeuk of irritatie. Het alom bekende 'wol prikt' komt hierdoor.

Gelukkig kunnen we in de spinnerij een vacht scheiden in haar- en wolvezels. Hierdoor kunnen we garen spinnen van iedere vacht.

Mohair, de haren van een angoroageit, is een uitzondering. De vacht bestaat uit glanzende, lange, dunne, zachte haren. Hierdoor is het prima te verwerken in garen. Het is echter wel mogelijk allergisch te zijn voor mohair.